background image

Met de steun van

Facts & Figures: algemeen

 

1. Het aantal activiteitsuren, aantal deelnemers en aantal deelnames van 2010, 2011 en 2012:

In 2012 bereikte Kras vzw met haar 8 wijkgebonden steunpunten en een thematisch steunpunt, 6140 uniek geregistreerde kinderen, tieners en jongeren die als vaste deelnemer regelmatig meermaals per week aan het aanbod deelnamen. We zouden hen leden kunnen noemen. Naast de vaste leden bereikten we nog vele kinderen, tieners en jongeren waarvan de aanwezigheden geteld zijn, maar waarvan we (nog) geen verdere gegevens hebben. We noemen ze onbekende deelnemers. Zij namen ofwel occasioneel deel aan het vast aanbod, opendeurdagen, open pleinaanbod of werden bereikt via vindplaatsgericht werken.We merken een stijging van het aantal deelnemers in 2012 ten opzichte van het aantal uit 2011 (+62%). Deze stijging heeft een aantal oorzaken: enerzijds leefden de werkingen van Kras Kiel, Merksem en Zuid, die het jaar voordien een moeilijke periode hadden, sterk op. Daarnaast blijft de werking van Kras Noord sterk groeien en groeit ook het deelnemersaantal in de meeste andere werkingen.
Het aantal activiteitsuren en deelnames stijgt ook aanzienlijk. Ondanks de herstructurering die de stedelijke overheid doorvoerde (in de steunpunten konden in totaal 5 VTE personeelsleden minder aan de slag in 2012 dan het jaar ervoor) hebben we door efficiëntiewinsten de impact van de herstructurering kunnen counteren. In de komende periode zal het de uitdaging zijn om een goed evenwicht te vinden in kwantitatieve efficiëntie en kwalitatief werken, want sommige werkingen kreunden in 2012 onder de hoge werkdruk.


 

2. Het aantal meisjes en jongens in 2011 en 2012

Historisch gezien is het zo dat een WMKJ in de oudere leeftijdsgroepen meer jongens dan meisjes bereikt. Bij Kras Jeugdwerk is dit niet anders. Dat neemt niet weg dat we extra inspanningen leveren om dit onevenwicht weg te werken, met succes. Voor het derde jaar op rij zien we dat over de hele leeftijdscurve het aandeel meisjes toeneemt.  

Voor de jonge leeftijd is het onevenwicht jongens-meisjes bijna onbestaand. Naarmate de leeftijd stijgt, stijgt het aandeel jongens tot ongeveer 70%. Als verklaring hiervoor zien we de etnisch-culturele achtergrond van de overgrote meerderheid van maatschappelijk kwetsbaren in Antwerpen. In vele culturen is het samen activiteiten doen met jongens en meisjes, niet evident. Daarnaast is het bij maatschappelijk kwetsbaren ook vaak zo dat meisjes, vaak vanaf te jonge leeftijd, een belangrijke huishoudelijke rol of andere verantwoordelijkheden in het gezin krijgen toebedeeld.

De positieve evolutie van de laatste jaren, die zich dit jaar doorzet, kunnen we toeschrijven aan volgende geleverde inspanningen:
Ten eerste worden in verschillende steunpunten aparte activiteiten voor meisjes georganiseerd. Vaak bestaan er ook aparte meisjesgroepen. Dit creëert een “veilig” aanbod op maat, zowel naar de meisjes als naar hun ouders. Deze veiligheid verhoogt substantieel hun participatiegraad.
Ten tweede zijn er de dansprojecten in Kras Noord en Merksem, die zich specifiek richten op meisjes. En dat resulteert uiteraard.
Ten slotte is er het succes van de meisjesvoetbalploeg van Kras Sport. Tegenover 2011 noteren we meer dan een verdubbeling van het aantal deelnemende meisjes (zie pagina 43).
Dit blijft een uitzonderlijk gegeven in het Vlaamse jeugdlandschap: een meisjesploeg met maatschappelijk kwetsbare meisjes, de meerderheid van niet-Belgische origine!

We stellen vast dat een aangepast thematisch aanbod een belangrijke sleutel is voor het bereiken van meisjes. Daarnaast is het voor maatschappelijk kwetsbare jongens en meisjes zo dat een veilige omgeving, afgestemd op hun leefwereld en gebaseerd op herkenbaarheid en veiligheid, essentieel is voor het kunnen bouwen aan duurzame participatie.

 

3. De origine van de deelnemers in 2011 en 2012

De origine van onze doelgroep is en blijft zeer divers. In grote lijnen kunnen we stellen dat dit een afspiegeling is van de origine van de maatschappelijk kwetsbare jeugd in de achterstandswijken in Antwerpen. Op zich vinden we deze vorm van diversiteit van ondergeschikt belang, omdat onze focus ligt op maatschappelijke kwetsbaarheid. Toch is het een indicatie die kan aantonen dat onze werkingen open staan voor alle potentiële doelgroepen uit de wijken waar we actief zijn. De weergegeven cijfers hebben geen betrekking op het steunpunt Sport. Het is niet mogelijk deze gegevens te genereren voor deze werking.

Als we de cijfers bekijken, vallen enkele tendensen op.
Ten eerste merken we dat tov vorig jaar de etnisch-culturele diversiteit is toegenomen, vooral in de leeftijdsgroep tot 15 jaar. Ondanks het feit dat deze diversiteit geen doel op zich is, hebben we hier blijvend bijzondere aandacht voor. De inspanningen van de laatste jaren resulteren dan ook in deze resultaten. In de toekomst zal hier blijvend aandacht voor zijn, onder andere door het gerichter werken met de methodiek van het vindplaatsgericht werken om zo alle bevolkingsgroepen te kunnen bereiken.
Ten tweede  merken we dat de groep van Marokkaanse origine sterker vertegenwoordigd is naarmate de leeftijd stijgt. Hiervoor zien we twee verklaringen. Om te beginnen is er het feit dat jongeren zich – zeker vanaf de puberteit, een periode die veel onzekerheid met zich meebrengt – het best voelen in een veilige omgeving. Verschillende factoren maken deze veilige omgeving uit, o.a. de herkenbaarheid van de peergroep. Daarom is het volgens ons normaal dat de grootst aanwezige groep, die van Marokkaanse origine, naar de werking blijft komen. De uitvallers zijn vooral jongeren van een niet-Marokkaanse origine. Een tweede verklaring is het vaak verhuizen van maatschappelijk kwetsbaren. In het bijzonder nieuwkomers en eerste generatie allochtonen, verhuizen het meest. Wanneer een kind naar onze werking komt, en zijn gezin verhuist na enige tijd naar de andere kant van de stad, komt dit kind meestal niet meer naar de werking. Wellicht vindt hij in een andere Kras-werking aansluiting. Maar wanneer een puber naar een nieuwe wijk verhuist, stellen we vast dat aansluiting vinden bij een andere Kras-werking moeilijker ligt. Binnen de groep van maatschappelijk kwetsbare Antwerpenaren stellen we vast dat diegenen van Marokkaanse origine het minst verhuizen. We vermoeden dat dit te maken heeft met het feit dat deze migrantengemeenschap het langst in Antwerpen aanwezig is, vaak al 3 generaties.
Deze verklaringsgronden nemen niet weg dat het een uitdaging zal zijn voor de toekomst om ook in de oudere leeftijdsgroepen een divers bereik te blijven hebben. Het streefdoel is immers niet diversiteit op zich, maar wel een afspiegeling van de maatschappelijk kwetsbare doelgroep in de wijk. Deze afspiegeling lijkt ons de beste indicator dat we toegankelijk zijn voor elk maatschappelijk kwetsbaar kind of jongere.

4. De aard van het activiteitenaanbod in 2010, 2011 en 2012

Deze cijfers geven een verdeling in soorten aanbod weer. De cijfers hebben geen betrekking op het steunpunt Sport.
De categorieën zijn beperkt, wat weinig zinvolle interpretatie toelaat. Wel kunnen we stellen dat:

  • Het permanent aanbod heel duidelijk de basis is en moet zijn van onze werking.
  • In het permanent week- (en weekend-)aanbod zowel vaste activiteiten als projectmatig werk vervat zit.
  • We ernaar streven om een zo weinig mogelijk consumptief aanbod op te zetten. Het beperkte aandeel uitstappen is hier een indicatie van.
  • Sport, en meer in het bijzonder voetbal, een belangrijk thema is om een brede maatschappelijk kwetsbare doelgroep duurzaam te laten participeren aan jeugdwerk. Om deze reden moet hier in de toekomst zeker niet minder op worden ingezet.